De Zwarte Hengst en de Zware van de Weduwe

Het was zo’n veelbelovende ochtend in de vroege herfst.

Ik dwarrelde door de iconische contreien van het Rijk van Nijmegen en had mij voorgenomen me geheel zintuiglijk open te stellen. Hoe ik me dat zou moeten voorstellen was nog niet duidelijk en, eerlijk gezegd, nu nog steeds niet maar, zo nam ik mij voor, ik zou daartoe verwoede pogingen ondernemen terwijl bedauwd spinnenrag de vergezichten een poëtisch aanzien verschafte.

‘Go with the flow’ fluisterde iets in mij en ja hoor daar zwierde ik al met gespreide armen klapwiekend op zoek naar thermiek die me in hogere sferen zou brengen. De eveneens iconische buizerd keek vanaf grote hoogte toe en ik bespeurde een meewarige blik. Toch was ik even los van de wereld gekomen en ging gemotiveerd ‘open en zintuiglijk’ door.  Ik zag glooiende, Engels aandoend, heuvels met groene weiden met een af en toe citroengele streep en omzoomd door de metamorfose van groen naar geel, oranje tot  vlammend rood blad. Rood- en zwartbont herkauwend met een melancholieke blik naar de ruwharige jonge stier die wat ontredderd om zich heen kijkt. Ik hoorde het geritsel van afvallend blad omzoemd door een handjevol late bijen en wegstuivende vliegen van een dampende hoop vijgen. Ik rook het beginnende rot van zwammen op omgevallen berken en wederom de verse vijgen. Ik voelde de tedere warmte van de nazomerzon en proefde het zoetzuur van een aan de dans ontsprongen nog niet geplukte braam.

Nou, stond ik open of niet.

Doordrenkt van compassie met mezelf opende ik alle zintuiglijke registers nog verder. Ik zag, voelde, rook, proefde en hoorde nog intenser. Vooral dat horen ging goed.

Geritsel, getrappel, gebries.

Ik hield mijn adem in. En daar kwam ze aangeschreden gezeten op een appelschimmel, jawel mijn favoriete paard, gaf mij een knipoog en het paard de sporen waarna ze samen in galop wegstoven. Ik genoot na van het charmante duo en maakte mezelf wijs dat dit me niet was overkomen als ik me niet zo had open gesteld en tevreden vervolgde ik, geopend en wel, genietend mijn pad.

Tot daar, plotseling, een pikzwarte hengst mijn herfstig pad doorkruist.

Mijn tot berstens toe geopende zintuigen verschrompelen ter plekke. Ik hoop nog op een knipogende mevrouw maar ook dat beeld valt in duigen bij de aanblik van een nors kijkende man met ravenzwart haar die met een hand een sjekkie probeert te draaien. Een sjekkie in de vrije natuur nota bene, op een paard nota bene. En dan draait ie ook nog een Zware van de Weduwe.

De hengst en zijn ruiter vervolgen dampend hun weg en ik de mijne nog even verwijlend bij die weduwe die het toch maar had klaargespeeld 210 jaar na haar dood zo’n prominente rol te spelen in mijn zo wagenwijd geopende mind.

Grinnikend herinner ik me dat in de vorige eeuw, toen er nog ongegeneerd reclame voor tabak werd gemaakt, er met een stevige slogan gewerkt werd: ‘Van Nelle, de enige shag die je nog proeft bij windkracht 10’.

Ik neem nog maar een blinkende braam die volmondig smaakte met  verpletterende slagkracht.

Thuisgekomen kon ik het niet nalaten even te snuffelen op internet, met die mind nog steeds open hoor, en merkte ik dat de Weduwe qua prijs een nogal zware jongen was geworden.

Eén opmerking over 'De Zwarte Hengst en de Zware van de Weduwe'

Geef een reactie op Anoniem Reactie annuleren