Vrouwen en voeten.
Een verstandshuwelijk, ze kunnen niet met en ook niet zonder elkaar.
De meeste vrouwen vinden hun voeten niet mooi, niet rank genoeg en bijna altijd te groot.
Opgegroeid in een vrouwengezin heb ik er het een en ander van mee gekregen. Over vrouwen met grote voeten werd wat meewarig gesproken en mijn moeder kon haar misprijzen over de schuiten van mijn vader niet onderdrukken mede door het feit dat het nog ongewis was wat daarvan het effect was op de nog ontluikende voeten van haar dochters.
De schoenmaat van mijn moeder was, uiteraard, staatsgeheim. De ideale schoenmaat is mij nooit onthuld behalve dat ie niet klein genoeg kon zijn maar dat het omslagpunt ergens in de buurt van schoenmaat 38 zou moeten liggen, althans dat was mijn conclusie. Boven maat 38 zou je reddeloos verloren zijn en mijn moeder vertelde dan ook nog het gruwelijke verhaal over die arme Chinese meisjes met de gebroken voetjes die ingezwachteld werden om het ‘schoonheidsideaal’ van het kleine voetje te bemachtigen. Waarna ze gelukzalig door het leven strompelden.
En dan was ik nog maar net bekomen van de boze stiefmoeder uit Assepoester die ook de voeten van haar dochters kortwiekte om ze maar in het glazen muiltje te persen. Ik was maar weer eens blij dat ik niet als meisje, met bedreigde voeten, ter wereld was gekomen en later mee zou moeten draaien in het circus van het ‘grote jokkebrokje’.
Ik heb het laatst weer eens kunnen observeren.
Twee vriendinnen kwamen stevig gearmd een schoenenwinkel binnen en stevende op de uitverkoopjes af. Ikzelf was al door een verkoopster, als echtgenoot van een ander vrouwmens, naar een van de twee lederen rookstoelen gedirigeerd en omdat er niet meer gerookt mag worden kreeg ik een ekspressootje met een koekje. Ik voelde me doeltreffend buiten de circle of influence geplaatst en keek berustend in het rond. De twee vriendinnen hadden elkaars armen losgelaten en grasduinden tussen de exemplaren af en toe een modelletje beetpakkend, omhooghoudend, weer terugzettend, weer oppakkend, zuchten, veel zuchten en dan ineens kirrend ‘juffrouw, juffrouw…’. De drukbezette juffrouw riep ‘ik kom zo bij u’ en rende hard weg. Een andere verkoopster vroeg fluwelig ‘kan ik u soms helpen?’ ‘Ja, heeft u deze ook in 37?’ (groot jokje 1) ‘Heeft u maatje 37?’(jokje 2) Verkoopsters kennen het klappen van de zweep der ijdelheid en hebben het altijd over een maatJE. Ook de vriendin kon non-verbaal haar ongeloof niet onderdrukken over maatje 37. ‘Nou, misschien een kleine 38’ probeerde ze nog. De verkoopster schikte zich in haar lot en wist dat ze het spel moest meespelen en daardoor nog een aantal keren zou moeten lopen met grotere maten want zelfs ik had, met een niet ontwikkeld timmermansoog, gezien dat het zou eindigen bij maatje 42. De verkoopster kwam terug als een ervaren trapezewerkster met een indrukwekkend wiebelende stapel dozen balancerend op eveneens indrukwekkende en wiebelende naaldhakken. ‘Ik heb maar een aantal maten meegenomen want dit modelletje valt wat klein uit(jokje 3)’.
De klant was inmiddels gaan zitten en had haar voeten ontbloot, strekte behaaglijk haar teentjes, keek verlekkerd naar de rood gelakte nageltjes en ik keek met ontzag naar haar hielen. Maatje 37, met een verwachtingsvolle blik bekeek ze met welgevallen naar het sierlijke schoentje tussen haar vingers en schoof het aan de voet. De grote teen gleed er gemakkelijk in maar toen stokte het proces. Ze probeerde met een inmiddels rood aangelopen kop er nog een teen bij te duwen maar maatje 37 bleek een niet te nemen hindernis. Ze graaide snel naar maatje 38, daar had ook de boze stiefmoeder van Assepoester een harde dobber aan gehad. Ook met een paarse kop lukte het niet om er in te komen. Maat 39 lukte ook niet en de klant raakte geïrriteerd en de verkoopster schoot geroutineerd te hulp en veronderstelde dat de voetjes(jokje 4) door het warme weer vocht vasthielden (jokje 5). Uiteindelijk paste maat 45. Inmiddels had iedereen in de winkel een paarse kop, inclusief uw observator, van meeleven, meepersen en de adem inhouden. Hèhè! Collectief liet iedereen de adem ontsnappen ‘Dit maatje doen?’ stelde de verkoopster voor.
‘Nee, doe maar een maatje kleiner’, een getal werd niet meer genoemd, ‘met dat vocht hè’. ‘Ja, en ze lopen ook nog wat uit’ zei de verkoopster opgelucht (jokje 6). ‘Ze staan je beeldig’ zei vriendin(jokje 7) ‘maar zou je de andere schoen ook niet even passen want die andere voet kan nog(!) wat groter zijn’ sprak vriendin vilein. ‘Nee’ gilden klant en verkoopster bijkans in paniek en ze trokken eensgezind snel het paskousje uit.
Ik nam nog een slokje van mijn ekspressootje en dacht met vertedering aan Katrien Duck die zo zelfbewust met haar veel te grote schoenen door het leven stapt. En al die arme vrouwen die gepijnigd door het leven gaan met de ogenschijnlijke tegenstelling: “een vrouw draagt een schoenmaatje groter dan zij wenst en loopt een uurtje langer door dan zij wil”.
Ik bedacht me dat ik mijn leven heel wat getormenteerde vrouwenvoeten heb gezien. Grote en kleine, brede en smalle, schone en niet zo schone, platte voetjes en hoge wreefjes, makkelijke en moeilijke voeten. En die arme gemaltraiteerde voeten door te kleine schoenen en te hoge hakken met slijmbeursontstekingen en knobbeltenen die als richtingaanwijzers lijken te fungeren.
Die arme moegestreden voeten.
Met die verweesde tenen.
Aandoenlijk wanneer ze, als een soort oudedagsvoorziening, mogen rusten in pantoffels of, nog beter, sloffen want dat is ook nog een toepasselijk werkwoord.
Ik gun vrouwen de Katrien Duck optie: makkelijk, comfortabel en overduidelijk een maat(geen maatJE) te groot.
Vele vrouwen kiezen nu ook voor comfortabel en zijn overgegaan tot sniekeren. Sniekers zijn gympen maar dan wat meer look en stijl gerelateerd en ook weer niet zo verstandig als Birkenstock bijvoorbeeld.
Maar dan komt Annechien.
’s Avonds, wanneer de vermoeide voeten op een poefje liggen bij te komen van de dagelijkse malheur, komt zij het Nieuws van 8 uur binnenwandelen op schoenen waarvan de stilettohakken ogenblikkelijk een gevoelig gat wrikken in de wereld van het zojuist herwonnen voetcomfort en het zelfvertrouwen vermorzelen van de vrouw wier voeten om een voetenbadje smeken.
Ach ja, ook het nieuws is niet meer wat het geweest is.
Nog even terug naar de schoenenwinkel alwaar de verkoopster, met parelend zweet en saamgetrokken lipjes, de schoenen net heeft ingepakt.
De klant staat op het punt haar aankoop te bezegelen en het pasje zweeft al boven de pinautomaat maar ze aarzelt.
‘Of zal ik deze schoenen maar niet doen, eigenlijk zitten ze me niet zo lekker.’
Ja Duhhhh, dank je de koekoek!