Zevenheuvelenloop (14-11-’17)

Het leuke aan de herfst is dat de natuur is te bewonderen in al haar schakeringen.Van Indian Summer kleuren naar glad bladafval, storm, regen, hagel, ijzige vrieskou. En het leuke aan de Zevenheuvelenloop is dat, als je maar lang genoeg meeloopt, je ook het genoegen zult smaken van alle varianten die de herfst te bieden heeft.

Nu ik dit schrijf voel ik dat een lichte opwinding mij bezoekt. Ik loop al jaren niet meer mee. Maar zo’n billboard met de aankondiging van het evenement op de derde zondag van november over het mooiste parcours van Nederland dat doet iets met me.En wanneer je nu in het donker over de Zevenheuvelenweg rijdt zie je deinende fluorescerende hesjes van lopers en soms staan ze stil want dan moeten ze rekken of gewoon uitpuffen. Het lopende rumoer zoemt door de stad.Dat waren nog eens tijden zou een van mijn toenmalige loopmaten zeggen.Zijn broer woonde vlakbij de start en dus ook de finish en we konden ons daar in comfortabele omstandigheden omkleden en bagage achterlaten. Broer en schoonzus hadden in dat weekend altijd een feest en er waren nogal wat logees die ons allemaal met een wat waterige blik aankeken maar desalniettemin voor de nodige fourage zorgden en de  soep na de loop smaakte iconisch lekker. Lekkerste soep ever en ja dat waren nog eens tijden.Eerst moest er nog gelopen worden. We stommelden naar het vak van de snelheidscategorie dat bepaald was door je ‘prestatie’ van het jaar daarvoor.Nog een hapje, nog een slokje, nog wat springen of rekken en met jezelf overleggen wanneer je het uit een vuilniszak geknipte hesje tegen de stortbuien of de kou uit zou trekken. En dan het startschot.Het lang verwachte daverende begin van de jaarlijkse loop der lopen.Met wild bonkend hart wil ik het op een lopen zetten maar het zal nog een, althans in mijn beleving, half uur duren voordat ik in beweging kan komen en als ik eindelijk op stoom ben zie ik de eerste starters, bij wijze van spreken, al weer binnenkomen.Onderweg is het genieten van het brullende publiek als ze een bekende ontwaren in de kluwen, de prachtige omgeving en de andere lopers.Mooie lopers, ranke lopers, lompe lopers, stampers en lichtvoetigen. Wie kun je wel inhalen en wie haalt jou in. Oppassen voor mannen die uitbundig rochelen en met een gedrevenheid hun product op het parcours deponeren zodat je als argeloze collegaloper een uitglijer maakt inclusief een jaloersmakende spagaat.Oppassen ook voor groepen vrouwen die, solidair als ze van huis uit zijn, naast elkaar gaan lopen en dat ook nog eens over de volle breedte van het parcours. Die aaneengesloten ruggen en billen stralen iets onverzettelijks uit en je voelt al aan dat je niet moet proberen daar tussendoor te gaan. Op naar de flanken dus.Halverwege de heuvels kijk ik altijd even achterom. Ik zal toch niet de laatste zijn?Maar een geruststellende hijgende en puffende meute lopers golft achter me aan.Op het laatste vals plat op weg naar Erica stoomt er altijd nog een luidkeels steunende en wat lomp lopende man met veel kabaal me voorbij en in een tempo dat ik alleen maar kan denken dat hij in het voorste startvak thuishoort maar hij zich jammerlijk heeft verslapen of de trein gemist heeft. Ik ben het nooit te weten gekomen.Moe maar voldaan ga ik over de finish, zoek mijn loopmakkers op en we vergelijken onze looptijden. We likken onze wonden, behalve de snelste dan, en gaan richting soep.
Ja, dat waren nog eens tijden.

Plaats een reactie