Zak (14-2-’19)

Picture this.Een zonnige doordeweekse ochtend.Gezellig in het echtelijke bed met een vers gezet kopje koffie.Krokant beschuitje met kakelverse roze muisjes erbij want er is weer een kleindochtertje in aantocht. We mogen meedenken en zoetgevooisd wisselen we wat namen uit die wat ons betreft zouden mogen. Alleen meedenken en de ouders beslissen zelf hebben ze gezegd.Kortom zo’n lanterfantende ochtend terwijl de dag zich agendaloos en comfortabel uitstrekt en waarbij jij je nog eens behaaglijk uitrekt en de mogelijkheden overziend nog niet hoeft te beslissen.De daagse trivialiteit ontnuchtert me.Wij zijn gemotiveerde afvalfetisjisten. Je moet toch wat in zo’n huwelijk.Met aandoenlijke ijver scheiden we papier, plastic, groen en rest.Vandaag wordt plastic en rest opgehaald netjes in zakken en op tijd aan straat want anders zijn de ophalers je schoon voorbij.‘Ik moet zo de zakken aan de straat zetten’ zeg ik nog niets vermoedend.‘O’ zegt mijn geliefde ‘blijf jij dan ook buiten of kom je toch weer naar binnen?’Het wordt doodstil. De wereld staat ook stil, in verbijstering.De zon slaat op de vlucht onder haar hori en het wordt aardedonker.De bedreigde polen vriezen acuut aan, goed voor jaren opwarming.De panelen van huwelijksgeluk buitelen in blinde paniek koprollend over elkaar en verdwijnen ademloos tussen de tot voor kort zo warm aanvoelende coulissen. De jonge, nog socialiserende, viervoeter vliegt van ontzetting in de gordijnen wetend dat ze daarmee verbale lijfstraffen riskeert en houdt zich verder uit strategisch lijfsbehoud koest. Verstandig beestje.De natuur heeft alles weer eerder in de gaten dan ik. Knarsetandend reageert mijn brein eenparig vertraagd en denk ik ‘wat krijgen we nou?’Als in een oude reflex kijk ik toch nog steunzoekend mijn geliefde aan.Ze kijkt neutraal, dus toch.Nee, er gebeurt wat. Ik meen een lachrimpeltje in haar ogen te zien kwinkeleren en rondom haar lippen twinkelt het onmiskenbaar.Nu valt het kwartje.Ik lach nu ook. Nog wat behoedzaam maar het begin is er. Opgelucht kwispelstaart het hondje uit de gordijnen.De panelen zwieren weer naar geluk en de polen smelten vol compassie.De zon knipoogt en straalt en de aarde wentelt opgelucht door het heelal.Rotzakken.Het hondje blaft instemmend.

Plaats een reactie