Als klein jongetje vond ik het woord malkander maar raar, mal eigenlijk.Niemand in mijn omgeving gebruikte ‘malkander’ behalve mijn oma die een liedje zong over twee koningskinderen die malkander, dus, liefhadden maar niet bij, wederom, malkander konden komen want en nou komt ie: het water was veel te diep.Het water was veel te diep. Nou, en?Wat zijn dat voor een koningskinderen?Dan regel je toch ergens een lakei die je over kan roeien.Of, als zo’n jongeling echt verliefd is, spring dat water in en ga zwemmen.Of als je een romantische malkander bent wacht dan zo’n prachtige bijna bladstille avond af en vaar met je luchtballon en verlijer in het avondrood naar de andere malkander die , dat weet ik zeker, dan in vuur en vlam aan gene zijde trappelend van ongeduld en niet te stelpen liefde op je wacht.Die malkanders waren in mijn beleving maar een stelletje duffe mutsen zonder enig gevoel voor avontuur of oplossingsgerichte activiteiten.Maar mijn oma vertelde dat het een heel zielig verhaal was en zong gemotiveerd dramatisch door. Ze had een mooie stem en dat is niet erg behalve als je met haar in de kerk kwam en zij vol overgave haar devotie luidkeels leeuwerikte. Ik keek dan altijd schichtig met plaatsvervangende schaamte om me heen of andere kerkgangers het hoorden maar die jubelden tot mijn opluchting ook en leken helemaal onder de bekoring van hun eigen stem.Behalve mooi zingen kon mijn Oma ook heel leuk verhaaltjes vertellen.Vooral de verhaaltjes die ik niet aan mijn vader mocht vertellen waren, bij herhaling, veruit favoriet.Mijn oma en mijn vader hadden de spreekwoordelijke verstandhouding die schoonmoeders en schoonzonen nog weleens parten speelt.Het waren zo gezegd twee malkanders voor wie het water niet diep genoeg kan zijn. Mijn oma was een echte oma, nooit boos op me geweest, en dat is knap.Ik was natuurlijk, als kleine jongen haar grote jongen een status waar ik toen vurig naar verlangde. En oma vertelde verhaaltjes op commando en kookte alleen maar wat ik lekker vond. En ze zorgde altijd voor een grote schaal appelmoes(uit blik gelukkig en niet zelf gemaakt) waar eventuele viezigheid die toch door het ouderlijk gezag werd opgedrongen royaal in gedoopt kon worden.Mijn oma was een lieve, leuke malkander en voor haar was het water nooit te diep.