Minister Schouten moet ingrijpen. Dat zegt de Tweede Kamer. En als Kamerleden zoiets zeggen dan moet dat ook natuurlijk. En dat kun je als minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit dan maar beter doen zolang die Kamerleden dat ‘vinden’ want anders gaan ze op ‘hoge toon eisen’ en dat dien je te voorkomen. Mevrouw Schouten is ook nog vicepremier en voor je het weet struikelt zo’n Kamerlid over een processierups en lazert het hele kabinet van zijn voetstuk.Meestal vind ik dat Tweede Kamerleden problemen alleen maar groter maken.‘Is de minister met mij van mening dat….’ Dat is dan al zo’n suggestieve vraag die tegen de haren instrijkt en daar moet je bij zo’n processierups juist zo voor oppassen.De Kamer kiest voor heldere communicatie en dat is voor de verandering alleen al prijzenswaardig. ‘Minister grijp in’.Gelukkig is de minister een vrouw en dat stelt mij als onpraktische man gerust.Ik weet van mezelf, en van vrouwmensen in mijn directe omgeving, dat wanneer ik praktische zaken moet regelen dat meestal gebeurt onder het motto: ‘waarom makkelijk als het ook moeilijk kan’. Kijk zo’n man ben ik. Mevrouw Carola Schouten is ongetwijfeld uit dat praktische vrouwenhout gesneden.Ik zie haar al op verstandige schoenen en een boerenzakdoek om heur haar geknoopt gewapend met een plumeau en een emmertje het laddertje op de boom in klimmen en de klus klaren. Het laddertje wiebelt natuurlijk vervaarlijk maar als vicepremier is ze gewend om te balanceren en ze weet zich gesterkt door het voltallige kabinet dat haar op afstand( i.v.m. die jeukende haren) grootmoedig aanmoedigt: ‘Hup, Carool, gaan met die gladiool’ Dat slaat natuurlijk nergens op maar dat komt wel vaker voor in de politiek èn, dat is doorslaggevend, het bekt gewoon lekker. Onze Carool, ondertussen, is lekker aan het klussen en na gedane zaken huppelt ze geïnspireerd het laddertje af en na een Theresa May-achtige sprong beland ze met haar excellente snufferdje tussen de paardenbloemen waar de laatste rupsen in processie het vege lijf nog trachten te redden maar waar en passant onze Carool onversaagd deze laatste der Mohikanen alsnog het rupsenriool in drijft. Klus geklaard.Onze(let op het is ineens ‘onze’ en niet ‘dé’) minister van Randbouw, Karikatuur en Voedselnarigheid is in een klap de populairste vrouw in het land. Ze heeft ingegrepen! De Kamerleden verdringen zich bij de interruptiemicrofoon en eisen, jawel daar gaan we weer, de eer op wie als eerste de minister gemaand heeft tot ingrijpen. De SP-fractie snikt zachtjes bij de gedachte ‘hadden wij ook maar zo’n gladiool’ en de Kamervoorzitter spreekt ontroerd een bedankwoord.Een irritante wijsneus van een niet nader te noemen partij wil overgaan tot de orde van de dag en vragen stellen over Groningen, Brexit, Klimaat en, vooruit, Mazelen en wordt vakkundig de mond gesnoerd. Waar hebben we het over? De processierups is aangepakt en nu gaan we eerst naar de barbecue en vervolgens welverdiend op reces. In het tumult van de euforie gaat onze Carool voor in de polonaise, let wel dat is een soort processie, en de hossende Kamerleden hijsen haar op het Schild ende Betrouwen.De Kamervoorzitter beschouwt het tafereel als een moeder van kinderen die door het dolle heen zijn maar ze wil ook naar huis en roept vertwijfeld ‘Odde Odde’.Maar dat werkt aan deze kant van het Kanaal ook niet.‘Odde Odde’ droomt onze Carool frivool.