
De tweede dag op rij en weer het lentegevoel.Ik ben al blij met 12 graden buitentemperatuur.Zon, blauwe lucht, geen wind.Waalkade, gevulde terrasjes, zoemende mensen.Lentekriebels.Wat zijn dat, lentekriebels en bestaan ze echt?Dat lossen we vandaag niet op.Wel weten we dat de meeste mensen er zich goed bij voelen.Voorjaar, nieuwe energie, lammetjes.Bokkesprongen, kuitenflikkers van vreugde en we dartelen als koeien die voor het eerst de wei in mogen.Vogels zingen en de bomen komen weer in blad.Asperges.Asperges met een eitje.Asperges met een botertje.Asperges met een krieltje.Asperges als troostend perspectief in de kille koude winter.Asperges als wenkend perspectief in die heerlijke lente.Asperges als mouthwatering symbool van die veelbelovende lente.Lentekriebels geven, zoals gezegd, nieuwe energie.Energie voor de liefde, heerlijk.En voor nieuwe ideeën, ook heerlijk.En voor de grote schoonmaak, niet zo heerlijk.Vanuit mijn jeugd associeer ik de schoonmaak met vrouwen met een sjaaltje om het hoofd om heur haar te beschermen tegen het stof dat met wolken opvloog uit het met verwoed geweld gemattenklopte vloerkleed.Vrouwen met grote verpleegsterschorten en opgestroopte mouwen en armen die constant in emmers met schuimend sop aan het wringen waren.En als al dat schoonmaakgeweld tot bedaren kwam was de situatie in huis onherkenbaar veranderd. De voorkamer werd achterkamer en daar zouden we voortaan eten. Verder weg van de keuken maar veel gezelliger volgens de vrouw des huizes en dat werd op een besliste toon gezegd. Uiteraard werd de eetkamer zitkamer maar nu zonder open haard.Ook gezelliger? Geen antwoord maar een dreigende blik.‘Het is weer lekker fris’ zei zo’n vrouw met een tevreden blik rondkijkend.En als ik dan een paar dagen later uit school kwam stond al het meubilair weer in de oude opstelling. ‘Ach ja’, zei mijn moeder dan, ‘het was het proberen waard’.
Hoe overleef ik die lenteschoonmaak in mijn huidige situatie.Ik probeer in te schatten wanneer die voorjaarshormonen gaan toeslaan.En dan duik ik onder ergens in Limburg voor een culinaire retraite.Lekker asperges eten.
Ongelooflijk maar na het schrijven van dit stukje kom ik mijn geliefde tegen.Ze heeft een rood verpleegsterachtig schort aan en zwiept met een mattenklopper. Ze kijkt me aan.Een blik.
Een vastberaden blik.‘Don’t you even dare………’Zegt mij die blik.En dat zegt me genoeg.Ik keer op mijn schreden en trek een sprint om mijn strategie te bepalen.