Bijzondere koningsdag (27-4-’20)

Het is al weer een jaar of twee geleden dat ik verhaalde over mijn oranjebroek. De broek is inmiddels zo retro en het weer de laatste dagen zo lichtzinnig dat ik besloot tot een andere outfit voor deze bijzondere Koningsdag. Mijn oranjebroek zou dit jaar niet worden uitgelaten maar aan zijn knaapje blijven hangen. Nou word ik zelf altijd een beetje giechelig bij het idee van zo’n knaapje in de klerenkast want wat doet zo’n knaapje daar dan. Toen ik zelf nog een knaapje was, en dat is al ongeveer 88 jaar geleden, had ik niks te zoeken in de klerenkast en verstopte mij daar slechts bij speciale, daartoe uitnodigende situaties. Oranjebroek met zijn knaapje blijven dit jaar in kleerkasterig ballingschap. Overigens een vorstelijke lot en meestal van tijdelijke duur.Mijn geliefde informeerde aan de vooravond van de bijzondere Koningsdag of ik wel Oranjetompoezen in huis had gehaald en toen ik haar naar bevrediging geruststelde vroeg ze poeslief hoe het met mijn bijzondere Koningsdag outfit was gesteld. Ik vertelde haar enthousiast over mijn aankoop van een korte broek. Kobaltblauw. Maar met een beetje goede wil, en dat  mag je toch verwachten van je geliefde, kon je de kleur ook Koningsblauw noemen. De kuiten, helaas geen koninklijke kuiten, waren na een dagje in de zon oranjegekleurd dus dat kwam deze keer goed uit en ik had nog ergens een oranje polo dus daarmee was de outfit compleet. Des avonds, voor de bijzondere Koningsdag, legde ik de vlag met wimpel klaar alsmede mijn oranje polo. ‘Is dat een oranje polo?’Ja, dat is een oranje polo dacht ik en op een retorische vraag dien je niet te antwoorden want dan ondergraaf je het redenaarstalent van de spreker, dus ik deed er het zwijgen toe.‘Is dat een oranje polo?’ klonk het nu nog nadrukkelijker.‘Jahaaaa, dat is een oranje polo.’ Ik realiseerde me dat ik de etiquette van de retorische vraag daarmee met grote platvoeten vertrapte.‘Dat is roze’ klonk het onverbiddelijk.‘Nou dan kijk je morgen maar bij daglicht’ adviseerde ik, me tegelijkertijd realiserend dat we de laatste tijd weinig oranje worteltjes hebben gegeten en dat wellicht een beginnende vorm van nachtblindheid, hoewel mijn geliefde nog by far geen 88 is, de oorzaak was voor de oranjeroze verwarring.Onbezorgd tuimelde ik in een tomeloze slaap op weg naar de bijzondere Koningsdag in nieuwe outfit en een riante voorraad aan Oranjetompoezen want je weet maar nooit wie er allemaal langs kunnen komen terwijl social distancing verbiedt dat er iemand langs komt. Het zou een mooie, Oranjetompoezenrijke dag worden.Ik hing de vlag met wimpel aan de gevel en genoot van het feestelijke vendelzwaaien en dartelde in Koningsblauw en Oranje naar mijn geliefde.Ze keek me keurend aan en sprak: ‘je bloost er van.’Ik keek betrapt: ‘ben ik dan zo ijdel’ dacht ik bij me zelf.‘Oh, nee’ klonk het vilein ‘het is de weerschijn van je roze shirt.’Vrouwen zijn nooit nieuwsgierig maar “ze” willen het gewoon graag weten.Vrouwen zijn nooit eigenwijs maar “ze” weten het gewoon beter.‘Ja en die Koningsblauwe broek is natuurlijk zeegroen’ dacht ik bij mezelf en om strategische redenen hield ik die gedachte ook bij mezelf.Ik nam gulzig een ferme hap van mijn Oranjetompoes en er spatte een stuk van het oranje(daar bestond gelukkig geen discussie over) glacé op mijn polo. Ik wilde het stukje glacé alsnog gretig verorberen maar kon het niet meer vinden.Ach ja, op een bakermat aan oranje……….

Plaats een reactie