Het klinkt als een dramatisch begin en, ter geruststelling, er is niets ernstigs aan de hand. Maar vandaag heb ik afscheid genomen van een stoel. Mijn stoel.De kelder slibt dicht en het begerige oog van mijn geliefde, gevoed door een wat vroege lente opruimdrift, is blijven hangen op stoelen die niet of weinig gebruikt worden maar wel altijd in de weg staan. Saneren wekt bij mij onrust als in zo’n vrouw het vuur daartoe is ontwaakt. Na ampel overleg, met mezelf, zie ik de voordelen van een toegankelijke kelder wel en, zeg nou zelf, oude stoelen waar hebben we het over.Maar toch niet die ene hè? Ja, die ook.De stoel der stoelen.Ongeveer 45 jaar geleden op de kop getikt op de veiling. Het Venduhuis der Notarissen aan de Oude Veer te Leiden.
De romantiek die vooraf gaat aan de aankoop. Snuffelen op de kijkdagen, wikken en wegen wat is de waarde of, nog belangrijker, wat is het mij waard.Maar daar stond ie dan. De stoel der stoelen. Mahoniehout en een al wat sleetse leren bekleding, ook nog wat wankel en veel te groot voor mijn kamer. Maar aan opruimdrift gaat aankoopdrift vooraf. En…. ik was al gezwicht. Op de grote dag zelf was ik, met wild bonkend hart, ruim op tijd aanwezig. Eerst klein spul zoals koperen voorwerpen en majolica vazen, vorken, messen, potjes en pannetjes. Daarna boeken en toen het meubilair. Bankstellen, kasten, stoelen en tafels.En dan, eindelijk, ‘de stoel’.Wie biedt?Mijn hand schiet omhoog, ik poog vervolgens alsnog onverschillig te kijken.Te laat. Ik zag dat de handelaren de primitieve, impulsieve, met de ‘ik moet hem hebben’ blik in de ogen al in mij bespeurd hadden. Beginneling.Wie biedt meer?Misselijkmakende spanning.Voor 15 gulden, dat betekende toen een maand lang water en brood, was ik de trotse eigenaar en liep met de zelfverzekerde zwier van de man die net de aankoop van zijn leven had gedaan. ‘Wat moet je daar nou mee’ was de reactie van mijn huisgenoten en van vele anderen de 45 jaar daarna.Ik vind het een mooie stoel en het is antiek zei ik erbij om mijn argument kracht bij te zetten en het daarmee juist onderuit te halen. Antiek? Ouwe troep bedoel je.Met desolate minachting over zoveel cultureel barbarisme haalde ik mijn schouders op en zette mij in de stoel die al wat vervaarlijk kreunde.Het treurige lot van mijn stoel is dat hij na het verblijf op mijn kamer alleen nog maar zolders, kelders en andere opslagruimten heeft gezien tussen ander, niet de waardering en erkenning krijgend, spul.En dan nu na al die jaren meezeulen ga ik dan nu afscheid nemen.Weet je het zeker vraagt mijn geliefde.It’s time to say goodbye mompel ik manhaftig en realiseer me dat het nu een wat Vera Lynn-achtige emotie krijgt.Inwendig hierom gniffelend neem ik me voor op zoek te gaan naar wat ik nog meer al jaren als overbodige ballast met me meezeul.